Eindelijk was het dan zover: het was februari! En behalve de totale maansverduistering, de verjaardag van Paris Hilton, het overlijden van Bennie Neyman en de schuldbekentenis van Joran van der Sloot moest deze maand toch vooral de maand van de MFVU-reis naar Pra Loup worden. De voorbereidingen voor deze vakantie werden al vroeg getroffen, de eerste klap is tenslotte een daalder waard, een goed begin is uiteindelijk het halve werk, een slimme meid is op haar toekomst voorbereid en achteraf is het mooi wonen. Alles werd tot in de puntjes toe uitgewerkt, zodat we met ons 9-persoons appartement uitgebreid voorzien waren van eten, drinken, muziek en WC-verfrisser. Vooral dat laatste is essentieel, tenslotte kunnen 9 gekken meer biomassa produceren dan één WC kan verwerken. Het eten en drinken was zo geregeld, alle standaard maaltijden gingen mee de koffer in en iedereen zou zorgen voor (minimaal) een volle fles vieze drank Muziek was ook niet echt een probleem, op de iPods van tegenwoordig past genoeg muziek voor een weeshuis. De WC-verfrisser was nog een probleem, want met WC-verfrissers is het eigenlijk net als met ijs: als je voor de vriendelijk lachende ijsverkoper staat, is het altijd weer lastig om een smaak te kiezen. Na een hevige en lange discussie legde het Lavendelkamp zich neer bij de keuze voor Vanille, en de voorbereidingen waren afgerond.
De bus vertrok op 1 februari vanaf Amstelstation om 14:15 uur ’s middags. Op tijd komen is compleet uit in 2008, dus pakten wij keurig de bus van 13:48 die er 38 minuten over zou doen naar Amstelstation. Buschauffeurs hebben ook op vrijdagmiddag geen gevoel voor humor, en daarom kon onze norse bestuurder dan ook niet lachen toen we vroegen hoeveel strippen het naar Frankrijk was. Eerlijk is eerlijk, het was best een slechte grap, maar hij had op z’n minst kunnen doen alsof het grappig was. De volgende buschauffeur (Stef) had ook last van een middaghumeur, want de snowboards werden met een ferme zwaai in het bagagekarretje gesmeten. Gelukkig was mijn pot chicken tonight achteraf nog heel en hoorde hij mijn opmerking over zijn moeder niet, zodat we eindelijk allemaal met een enigszins afgezwakt vrijdagmiddaghumeur konden vertrekken. Theo deed nog zijn uiterste best om iedereen te irriteren door een openingsspeech van ruim een kwartier, maar gelukkig hadden we bier voor in de bus en werd de vervelende eentonige monoloog overstemd door ons wiebelende konijntje.
In de bus werd er een beetje onwennig kennis gemaakt met alles en iedereen. Het viel eigenlijk meteen al op dat alle soorten en maten geneeskundestudenten vertegenwoordigd waren, van eerstejaars groentjes tot laatstejaars stoere mannen. Dit feit gecombineerd met bier en temazepam moest dit een fantastische busreis gaan worden. Husk maakte er dit jaar eerder dan verwacht een potje van, want om 19:00 werd er besloten om niet bij een gezellig restaurantje net over de Nederlandse grens te gaan eten, maar bij de gezellig neongeel verlichte MacDonalds. Een voordeel is wel dat daar alles hetzelfde smaakt, dus lastige keuzes waren er niet om te maken. Voor het eerst in mijn leven had ik overigens een Nederlands sprekende bediende bij de Mac, tenminste, als je dat taaltje dat ze spreken in Limburg Nederlands kunt noemen. Buschauffeur Stef zette een film op waar anatomiekoning Piet Hoogland himself enorm van had kunnen genieten als hij mee was geweest, maar dit heb ik alleen van horen zeggen want de benzodiazepine-cocktail sloeg in als een bom en toen ik mijn ogen weer open deed was het 7 uur ’s morgens. Overigens gaan er geruchten dat er deze nacht 3 kinderen zijn verwekt…. en ik was het niet!!!
Aangekomen in Pra Loup deden de Huskdames weer aardig hun best om het ons zo onaangenaam mogelijk te maken. De sleutels waren nog niet geregeld en grotendeels kwijt, ze hadden voor niemand een skipas, de kamerindeling moest veranderd worden, en toen niet, en toen weer wel, en toen weer niet. Uit pure narigheid hebben we toch maar een skipas voor een dag gekocht, de pistes lagen er namelijk behoorlijk goed bij. Na een eerste dagje inkomen waren wij keurig om 16:00 uur bij het lakendepot, zoals afgesproken met de lieftallige dames van Husk. Zonder sleutels konden we echter geen lakens huren, en de sleutels kwamen rond 18:00 uur dus moesten we ons nog zo’n 2 uur zien te vermaken. O ja, of we de lakens ook nog even wilden betalen. Gelukkig was schelden gratis, en in combinatie met ontbijtkoek en Beerenburg werd het toch nog gezellig. De sleutel van het mannenappartement (+ Chandani) kwam er eindelijk aan, zodat de rest van de mensen die nog geen sleutel hadden in ieder geval warm konden wachten. Het plaatselijke gerstennat met draaidopflesjes werd opgepikt uit de supermarkt, en alle frustraties namen recht evenredig af met de alcoholintake. Ik snap dat ze bij Husk voor dit soort baantjes niet de meest intelligente mensen hoeven aan te nemen, maar ik zou eigenlijk nooit 3 medewerkers waarvoor ze subsidie ontvangen de leiding geven over een compleet gebied.
De eerste echte officiële dag hebben we de hele dag sneeuw gehad. En met sneeuw bedoel ik ook echt sneeuw, de teller bleef steken op 40 cm verse poeder! In combinatie met de zonnige weersverwachting voor de rest van de week leken de omstandigheden dus bijna perfect. Werkt prima, die SMS-weerservice van Piet Paulusma (“ZON AAN” naar 3434)! De wintersportervaring liep uiteen van mensen die het voor de eerste keer deden tot mensen die op hun 2e voor het eerst op ski’s stonden, dus voor iedereen was er wel een vergelijkbaar ski/snowboard maatje te vinden. Uiteraard moesten we er wel voor zorgen dat er genoeg gedronken werd, als je zo ingespannen bezig bent verlies je tenslotte veel vocht. De oplossing hiervoor werd snel gevonden in de vorm van een heerlijke fles Jägermeister op de piste en het inmiddels legendarisch geworden “biertje half-viertje” dat voor de gelegenheid was geïmporteerd uit St. Sorlin.
Het biertje half-viertje in restaurant Clos du Serre was sowieso het podium voor veel legendarische dingen. De vogeltjesdans in een kippenpak, lekker hossen en lomp meezingen op Nederlandstalige muziek, halve liter pullen bier, de geboorte van het lied van de week en paracetamol snuiven met een biljet van 50 euro.
Het lied van de week kwam uit onverwachte hoek. Van tevoren hadden we bedacht dat de strijd zou gaan tussen het foute “Du hast den schönsten Arsch der Welt” en het net zo kansloze wiebelende konijntje. Niets bleek echter minder waar. Van de CD “lekker lomp lallen tot we er bij neervallen” kwam namelijk de tophit “lekker biertje”. Dit is begonnen in het
mannenappartement (+ Chandani), maar aan het einde van de week had eigenlijk iedereen deze schitterende plaat in zijn of haar hoofd. Het hoogtepunt was toch echt dat we deze fantastische plaat zelfs uit de kelen van Nederlanders hoorden die niet eens met ons mee waren. Uiteraard kwam ook het standaard nijlpaardenlied weer naar boven, maar dit bleek slechts een liftklassieker.
’s Avonds viel het gebied toch behoorlijk tegen. Er was geen enkele leuke bar of café, wat toch eigenlijk essentieel is als je met een groepje studenten naar een wintersportplaats gaat. In het smethuis “Copacabana” werd een minderwaardige vervanger gevonden, een discotheek met belachelijk hoge bierprijs, vervelende Fransen (en één leuke met een groene pet als ik bepaalde vrouwen moet geloven). Maar ja, oude volkswijsheden gaan ook hier weer op, wie meer begeert dan hem betaamt, mist dikwijls wat hij had geraamd, en wie zijn grens haalt met drank weet dit alleen de volgende morgen. Om een lang verhaal kort te maken: er werd gefeest, gedanst, gesprongen, gedronken en gezoend alsof onze lever en vanaf hing. (Lever was een typfout, toen moest ik lachen en heb ik het laten staan…sorry!) Bij gebrek aan een normale kroeg is er één avond feest gevierd in ons appartement. Eigenlijk was de bedoeling dat we een beetje door onze vieze drank heen zouden komen, maar iedereen had hetzelfde idee dus hadden we in de ochtend meer flessen drank dan de avond daarvoor. Gelukkig werd dit opgelost met een aantal spelletjes King’s Cup, Shithead, Mexen, Piramiden en Blufpokeren.
Ook absoluut het vermelden waard waren de outfits. Carnaval viel in deze week, en dus was er de opdracht om je zo origineel mogelijk te verkleden. De toiletdames wonnen deze wedstrijd, maar de geruchten gaan dat ze de jury hebben beïnvloed met hun physique. Anoniem commentaar op de outfits:”ik snap niet waarom die vrouwen gewonnen hebben, ze zien er toch altijd als plee-juffrouwen uit?!?” kwam alleen voort uit jaloezie, en de fles Jägermeister was vrij snel op/afgepakt.
Was het dan alleen maar plezier en vertier? Helaas niet, waar gehakt wordt, vallen spaanders, en uiteindelijk gingen we de bus in met één gipsspalk. Beterschap! Uiteraard werd de röntgenfoto uitgebreid bestudeerd, en de orthopedisch chirurg in opleiding bevestigde de distale radiusfractuur, waarvoor hulde. Verder was er in het hele gebied geen enkel stukje kipfilet te krijgen, waardoor wij onder andere Gehakt Siam, Gehakt Tandoori en Gehakt Tonight hebben gegeten. Best wel lekker allemaal, maar uiteindelijk haalt het het toch niet bij pitabroodjes met knakworst en salade.
De laatste avond werd er traditioneel nog even goed doorgezakt, waardoor de allerlaatste dag (o ja, we hadden een extra dag skipas.. kreun) een loodzware onderneming werd. Voordeel was wel weer dat we een extra dag Clos du Serre konden doen, maar Michael Boogerd zou deze dag hebben omschreven als “een dag met pap in de benen”. De conclusie van de laatste dag moet toch echt zijn dat een bevroren sneeuwpop altijd harder is dan een schaambeen zonder pathologische fractuur.
De laatste avond nog even lekker met z’n allen gegeten in een waardeloos restaurant waar ze ook geen kip hadden, en vervolgens de bus in. De busplaatsen waren ook niet zo goed geregeld, en mensen zaten een beetje verspreid door de bus heen, maar uiteraard is er geen probleem dat niet opgelost kan worden met verslavende pillen. Moe maar voldaan (zoals dat dan heet) kwamen we zondag rond een uurtje of 12:00 aan in Nederland. Mijn vader stond al klaar om me op te komen halen, maakte een subtiele opmerking over mijn baard (maar ik had geen toilettas bij me), over mijn alcohollucht (maar ik had geen toilettas bij me), over mijn stinkende was (maar ik had geen toilettas bij me!!) en over mijn bruine kleur met witte skibril-opdruk (maar…! maar…!). Tijd om bij te komen was er niet echt, de volgende dag moest er gewoon weer begonnen worden met een nieuw co-schap. Inmiddels is het nu een week geleden, lijkt het helaas alweer een maand geleden en ben ik nog steeds kapot. Met dit soort dingen is het eigenlijk net als met vlinders: als je op jacht bent en ze probeert te vangen, dan vliegen ze altijd weg, maar als je rustig stil blijft zitten en niet te veel je best doet, komen ze vanzelf bij je zitten…
Foto’s staan hier